Menu

9 november 2018

Belangrijke stap voor de nieuwe Omgevingswet en de stedelijke kavelruil

De nieuwe Omgevingswet kent een lange aanloop. Terecht, aangezien men spreekt over de meest omvangrijke wetgevingsoperatie sinds de invoering van de Grondwet in 1848. De nieuwe Omgevingswet is echter meer dan een vereenvoudiging waarbij tientallen wetten en honderden ministeriële regelingen en algemene maatregelen van bestuur komen te vervallen. Ten eerste door de introductie van nieuwe rechtsfiguren zoals de stedelijke herverkaveling. Maar ook nu een ambitieus automatiseringsplan moet zorgen voor een eenvoudig en allesomvattend online loket.

Hoewel het wetsvoorstel in april 2016 al is gepubliceerd en de invoering op de agenda staat voor 2021, is op dit moment een belangrijke fase aangebroken in de totstandkoming van de Omgevingswet. Recent is een internetconsultatie over het Invoeringsbesluit opengesteld waarbij tot 21 december 2018 gereageerd kan worden [zie: https://www.internetconsultatie.nl/invoeringsbesluitomgevingswet].
De structuur van de wet wordt uitgelegd als een drietal sporen: het invoeringsspoor, het hoofdspoor en het aanvullingsspoor. Daarbij staan op elk spoor een wet, besluiten en een regeling. De onderverdeling van de besluiten op het hoofdspoor zijn naast het algemene Omgevingsbesluit de drie besluiten leefomgeving (kwaliteit, activiteiten en bouwwerken). Verder zijn in de buitencategorie de aanvullingswetten met betrekking tot natuur, bodem, geluid en grondeigendom noodzakelijk gebleken.

Het loket

Zonder twijfel is de grootste winst van de Omgevingswet het Digitaal Stelsel Omgevingsrecht (DSO). Hieronder wordt ten eerste de database begrepen waarin alle documenten zijn opgenomen zoals  besluiten, beleidsstukken en alle overige informatie welke naar aanleiding van de wet is opgemaakt door de verschillende overheden. Met name gemeenten staan voor een ongelofelijke opgave om alle documenten online beschikbaar te maken. Hoe deze database eruit komt te zien is nog niet bekend. Wellicht zal het een voortzetting zijn van het Omgevingsportaal waar nu de voortgang van de wetgeving te vinden is [zie: https://www.omgevingswetportaal.nl/].
Ander aspect van het online loket zal zijn dat door middel van één aanvraag de verlening van vergunningen onder alle verschillende aspecten van de wet behandeld zal worden.

De vernieuwing

Een interessant nieuw instrument in de aanvullingswet grondeigendom is de stedelijke herverkaveling. Deze vorm van gebiedsontwikkeling geeft private partijen de gelegenheid om grond te ruilen en nieuwe kavelgrenzen te creëren. Vooruitlopend op de invoering zijn een groot aantal pilot projecten al van start gegaan. Daarbij zijn veelal nog gemeentelijke instanties betrokken en speelt het Kadaster een grote motiverende rol. De juridische aspecten van deze gebiedsontwikkeling lijken erg overzichtelijk, maar in de praktijk wordt ondervonden dat het proces om tot overeenstemming te komen veel communicatie vergt. Naast de vele rapportages zijn recent formats voor standaard overeenkomsten beschikbaar gemaakt. [zie: https://www.infomil.nl/onderwerpen/ruimte/ontwikkelingen/stedelijke-kavelruil/modelovereenkomsten/?utm_source=Laposta&utm_campaign=Nieuwsbrief+%230318+-+okt+2018&utm_medium=email]
Het jaarverslag van het stimuleringsprogramma geeft twee conclusies die essentieel zullen zijn voor het succes van een stedelijke herverkaveling. Ten eerste is de vrijwillige deelname aan de ruilovereenkomst uiteindelijk ook een zwakte van het systeem. Aangezien dit aspect ook de kracht is van de regeling, lijkt de enige mogelijkheid dat partijen zelf – in een vroeg stadium – enige mate van commitment van elkaar eisen.
Een belangrijker onderdeel betreft de heffing van overdrachtsbelasting, welke van grote invloed kan zijn op de business case. Hier ligt de bal wel bij de wetgever om door middel van vrijstellingen voor deze belasting een collectieve private aanpak van gebiedsontwikkeling mogelijk te maken.
Door deze grote invloed op de nieuwe wet, wordt  dan ook met hoge verwachtingen uitgekeken naar een besluit over de belastinggevolgen.

 

Foto: Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties