Menu

8 januari 2018

Ontwikkelingen UBO-Register: Overeenstemming EU over vijfde antiwitwasrichtlijn

Eerder informeerden wij u voor het laatst over de stand van zaken rond de (in de nasleep van de Panama Papers voorgenomen) wijziging van de 4e Antiwitwasrichtlijn, de Europese richtlijn die elke EU lidstaat verplicht tot invoering van een register waarin de uiteindelijk belanghebbenden van alle in die lidstaat opgerichte vennootschappen moeten worden opgenomen (UBO-Register).

In ons bericht zijn wij ingegaan op de verschillen tussen de standpunten van de Europese Commissie, de Raad en het Europese Parlement. Het Europese Parlement Raad heeft vergaande voorstellen gedaan voor meer informatie- en registratieverplichtingen met betrekking tot UBO’s. De Raad, waarin de EU lidstaten vertegenwoordigd zijn, heeft geprobeerd een aantal van deze vergaande maatregelen te voorkomen. Vandaar dat het onderhandelingsproces ingewikkeld was en het lang heeft geduurd om een compromis te bereiken.

Inmiddels is door de Europese Commissie, de Raad en het Europese Parlement overeenstemming bereikt over de wijziging, die zal leiden tot een 5e Antiwitwasrichtlijn. Op 15 december 2017 is dit naar buiten gebracht.

Inhoud van het compromis

De tekst van de gewijzigde richtlijn is nog niet beschikbaar. Op hoofdlijnen gaat het om de volgende wijzigingen ten opzichte van de huidige richtlijn:

  • De indicatieve grens voor het economische belang van de UBO blijft (meer dan) 25% en gaat dus niet naar 10% voor alle of bepaalde soorten vennootschappen.
  • De informatie over betrokkenen bij trusts, met inbegrip van begunstigden, wordt ook opgenomen in een register. Deze informatie is in te zien door autoriteiten en degenen die cliëntonderzoek moeten doen. Derden krijgen alleen toegang als een legitiem belang wordt aangetoond. Duidelijk is dat onderzoeksjournalisten een dergelijk legitiem belang kunnen hebben.
  • In de UBO registers worden vennootschappen en trusts opgenomen die feitelijk gevestigd zijn in de desbetreffende EU lidstaat. Het register is dus niet beperkt tot vennootschappen en trusts die in de betreffende EU lidstaat zijn opgericht.
  • De informatie over UBO’s van vennootschappen wordt openbaar. Onder de 4e richtlijn was dit voor EU lidstaten al toegestaan en Nederland had daar al voor gekozen.
  • Er komen nieuwe UBO registers: voor alle Europese bankrekeningen en safeloketten. Verder moeten de EU lidstaten ook zorgen dat informatie over belangen in vastgoed beschikbaar zijn voor autoriteiten.
  • Aanbieders van ‘wallets’ en handelsplatforms voor crypotocurrencies, alsmede kunsthandelaren worden eveneens onderworpen aan verplichtingen tot cliëntonderzoek en melding van verdachte transacties (en krijgen dus toegang tot alle UBO registers).

De Europese Commissie heeft toegezegd onderzoek te doen naar de noodzaak en mogelijkheden om ook voor vennootschappen en trusts die buiten de EU gevestigd zijn verplichtingen tot verzameling van UBO gegevens in te voeren. Het Europese Parlement had dit als voorstel ingediend, maar dat heeft het vooralsnog niet gehaald. Verder zal de Europese Commissie onderzoek doen naar de noodzaak van toezicht op EU lidstaten wat betreft de implementatie van de richtlijn.

Verwachte tijdlijn

De officiële publicatie van de 5e Antiwitwasrichtlijn wordt medio 2018 verwacht. De lidstaten zullen de richtlijn dan binnen 18 maanden moeten implementeren. Voor de instelling van de UBO-registers voor trusts en bankrekeningen en de koppeling van alle registers van de EU lidstaten wordt extra tijd ingeruimd.

Stand van zaken Nederland

In Nederland is intussen een voorstel ingediend tot wijziging van onder meer de Wet tegen witwassen en financiering van terrorisme (WWFT), ter implementatie van de 4e Antiwitswasrichtlijn. Maar dat voorstel bevat nog niet de bepalingen over de invoering van het UBO-register. Het aangekondigde afzonderlijke wetsvoorstel daarover is nog steeds niet ingediend. De verwachting is dat het voorstel begin dit jaar wordt ingediend.

De 5e Antiwitswasrichtlijn zal nieuwe wijzigingen in onze nationale wetgeving  noodzakelijk maken.